Leestips en het weekend.

Thanx!

Iedereen die heeft gereageerd op mijn oproepje gisteren: heel erg bedankt. We werden er een beetje stil van hoe ongelofelijk veel mensen zich inzetten om een verschil te maken voor anderen. Als ik tijd heb ga ik een overzicht maken met alle links en doelen die jullie hebben opgegeven. Ik denk dat ik ze ook op een aparte pagina zet, voor mensen die van hun geld afmoeten 😉

Schoenen!

De kinderen moesten zomerse schoenen. Gelukkig alleen de oudste twee, maar toch. Ik vond voor beide kindertjes fijne exemplaren en waagde de gok om paarse winterlaarzen voor de oudste mee te nemen over een half jaar. Zo, 1400 kronen lichter maar voorlopig zijn ze voorzien.
Voor Toetje had ik nog sandaaltjes van Geox, van 4 euro van de kringloop. Ze loopt als een grote vent erop met enorme stappen. Zo grappig! En fijn, het zijn de eerste schoenen die ze aan blieft.

Weer!

Oh, en wat een heerlijk weer was het vandaag! 19 graden joh. Morgen weer. De dag erna gewoon 4, maar gelukkig hebben we de winterkleren nog niet definitief opgeborgen. Het groene jurkje dat ik vorige week stond te passen terwijl de natte sneeuw om het huis waaide, had ik vandaag aan. Buiten!

bewijs! (eigenlijk idioot, 19 graden half maart in noorwegen)

De kinderen waren een deel van de dag bij opa en oma en de man was uit frisbeegolfen, dus Toetje en ik waren alleen thuis. Ah, de rust!
Ik ben dat niet gewend. Hoewel ik gisteren ook gewoon een uur heb zitten tekenen en kalligraferen toen de kinderen met lego, opa en oma speelden. Zo leuk om weer te doen!

Ik heb vandaag alles wat gedaan moest worden (afval wegbrengen, was opvouwen, blablabla) laten liggen om met het kleintje in de hangmat te gaan liggen. Het was zo gezellig!

gezellig samen eten…

Plantjes!

Met mijn plantjes gaat het ook heel goed. De keuken is, zoals ik had gehoopt, ook echt een broeikas.

In een wilde bui schafte ik een kiemkasje aan. Je moet het witte  bakje vullen met water en de vakjes vullen met steenwol plugjes. Hierin gaan de zaden om te ontkiemen. Donderdag deed ik de zaden van o.a. zwarte paprika, pepers en komkommer erin die ik had besteld bij De Bolster, en de paprikazaden ontkiemen al. Dat is snel!

De bonen krijgen bloemetjes en de pepers of paprika’s worden al echte plantjes. Er waren ook flink wat zaden beschimmeld omdat het simpelweg erg koud en donker was toen ik ze zaaide. Begin februari is wellicht wat te vroeg hier.

geen plant, wel een kat

dit was om kwart over vijf ’s middags, wow! licht!

Afval!

En ik bestelde het e-book van Bea Johnson van Zero Waste Home. Fijn om te lezen en jeej voor nieuwe ideeën.

Dus. Dat.

En dit:

 

Tips gevraagd voor goeie doelen.

We hebben een luxe probleem. Wel, mijn ouders hebben dat.
Mijn vader en moeder hebben heel lang heel hard gewerkt en zijn redelijk spaarzaam geweest. In Gouden Tijden gingen ze in elk geval niet zoals zo veel anderen voor luxe vakanties, boten, de maximale hypotheek en aandelen en dat heeft ze een boel financiële ellende bespaard. Ze hebben hun hypotheek afgelost en winst uit het bedrijf werd weer geïnvesteerd in het bedrijf of gebruikt om de hypotheek van het bedrijfspand af te lossen. Aan leasen of kredieten heeft mijn vader een broertje dood gehad, gelukkig.

Anyway. Ze hebben het goed en dat willen ze graag delen met andere mensen. En ze geven en helpen al veel. Ze horen bijvoorbeeld bij de tien grootste donateurs aan Wakker Dier, hoe grappig is dat!

Ze zijn een beetje ongeïnspireerd qua goede doelen. Ze willen geen Giro 555 met hun lange strijkstokken, geen grote bureaucratische organisaties of schimmige projectjes met verdwijnselende bestuurders. Ze steunen graag goede doelen met dieren of kinderen. Wel, eigenlijk alles waarvan ze zeker weten dat het geld direct op de goede plek terecht komt en besteedt wordt aan diegenen die dat echt nodig hebben.

Ze kennen Gofundme. De paardenhulp in Pakistan enzo. Bomen voor Koeien. Stichting Aap. De Wensenambulance. Vogelbescherming. Waddenstichting. Adopteer een Kip. Maar er moet meer zijn in het leven dan dat 😉

Ik weet ook niet veel meer goede doelen, ik heb gewoon geen tijd om dit allemaal uit te zoeken en te onthouden.
Maarrrrr misschien weten jullie nog wel een goed doel dat aan hun criteria voldoet? Iets idealistisch, kleinschaligs waarbij het geld zeker op de goede plek terecht komt?

In dat geval zou ik het echt heel leuk vinden als je een link of iets zou achterlaten bij de commentaren of een mailtje stuurt naar valhalla@live.nl.

Mesjes.

Lang geleden kocht ik een fijn schilmesje. Eindelijk! Daarvoor had ik mesjes gehad van Victorinox, de kea, uit de grabbelbak van de Xenos (we gingen soms in de Xenos alleen om het grabbelbakgrapje te maken over die bak met blij gekleurde schilmesjes die daar staat.). Maar het fijnste mesje was hoogstens ‘okee’. Niet fijn-fijn.

Ik las blije verhalen over molenmesjes of herdersmesjes en besloot er twee te bestellen: een heel grote voor bijvoorbeeld kolen en meloenen en een gewoon schilmesje voor al het andere. Oh, joy.

Ze zijn handgemaakt in Solingen in Duitsland van carbonstaal of RVS. Carbonstaal is harder dan RVS en kan dunner worden geslepen, wat het mesje scherper en makkelijk te hanteren maakt.

Ze zijn vlijmscherp en in het begin is het uitkijken voor je vingers maar ik ben er zo blij mee! Het kleine mesje snijdt door tomaten of aardappels tot friet. Met het grote mes snijd je dunne plakjes van een ham, kleine sliertjes kool of supersnel een bos lenteuitjes.

Ik heb het mesje nooit hoeven slijpen en het is nu, ondanks dat het echt afgesleten is, nog altijd vlijmscherp.

De kinderen gebruiken de mesjes ook. Ik denk dat het veiliger is als ze snijden met een scherp mes waar ze relatief weinig kracht mee hoeven zetten, dan met een minder scherp mes waarmee ze moeten gaan hakken. Ze weten waar ze hun vingers moeten houden als ze het mesje gebruiken en de enige snij-ongelukjes waren met een dunschiller en een ander schilmes.

Maar na jaren van intensief gebruik (het was mijn enige schilmesje), was het over. Loeischerp als altijd, maar inmiddels lastig te hanteren omdat het zo gesleten was.

zo was ie

 

 

 

zo werd ie

In de bagage van mijn ouders zaten onder andere twee nieuwe mesjes. Hoezee! En twee, omdat de man en ik vaak samen eten maken en het mesje tegelijk nodig hebben.

De vorige heb ik bijna vijf jaar gehad. Ik kan nu dus in theorie weer zo’n 10 jaar vooruit. De luxe. Ik ben er echt blij mee 🙂

 

Helemaal niets doen!

Toen ik werkte voelde ik me soms zo nutteloos! Computeren, met mensen praten, koffie drinken, het zoveelste dossiertje / probleem / kwestie / spoedgeval oplossen waarna de plek direct weer door een volgend geval werd ingenomen. En hoewel de inhoud elke keer wel anders was, was de strekking altijd hetzelfde.

Hoe anders is dat nu!

Oh nee, het is helemaal niet anders.

Ben ik net klaar met een wc ontstoppen waar iemand een halve kilo pleepapier in geflikkerd heeft, moet ik water uit de tuitbeker van het Toetje opdweilen want het is zo leuk dat er plasjes water op de vloer komen als je hem op de kop houdt. (lekvrij, mijn rumpa)

Ben ik klaar met de was, komt er een binnen met een halve kilo zand in zijn broekspijpen die ie uittrekt en in de wasmand gooit. Ja, die met schone was natuurlijk. Als ik net alles heb uitgeklopt en de vloer gestofzuigd blijkt Toetje met een potlood te hebben rondgelopen. Even alle strepen van de -gelukkig afwasbare- muren en meubels afpoetsen.

Brood bakken, moet ook gebeuren. ‘Hoe vaak heb ik nu gezegd dat je niet aan de knoppen moet zitten’ bijt ik de kleuter toe die in een behulpzame bui de keukenmachine op 5 heeft gezet. ‘Is het sneller klaar!’. Meel tot aan het plafond jonguh.

HEBBIENOUJEHUISWERKALGEMAAKT VOOR DE ZEVENDE KEER? Als ik zeg ‘hoe vaak moet ik dat nu nog zeggen’ hoor ik mijn moeder. Ai.

‘Mama, Toetje loopt met jouw telefoon rond‘. Grmbl! Hoe lang zijn die armpjes? En nog net kan ik hem redden uit de handjes van onze kleine sloopwerker.

Ondertussen geef ik de kat eten, ruim een verdwaald paar sokken van de vloer, probeer fatsoenlijk antwoord te geven op de vraag of de kleuter een pinguïn voor haar verjaardag mag en struikel over een paar rolschoenen. ‘Mama, jij viel ovel de lolschoenen van Lena, hahahaha’.

*zucht*

Nee Toetje, niet het GFT-bakje uit het kastje halen!!! ….en omgooien…
*doneert 27 imaginaire kronen aan de imaginaire vloekpot en struikelt ondertussen over het absoluut niet imaginaire poppenwagentje.*

‘Mama, gaan we nu ein-de-lijk een keer wat leuks doen?’
– ‘Ja hoor liefje, mama heeft net een hele ochtend op haar rug liggen roken en netflix gekeken, nu is het eindelijk tijd voor jullie!

Waah!

Achteraf had ik het vorig jaar een stuk rustiger met onze baby dan nu met onze Stoïcijnse Sloopkogel! Wat een figuur.

Ik kan een heel wollig verhaal ophangen over hoe veel meer voldoening dit geeft, mijn roeping, het echte doel in mijn leven en hoe je de chaos moet omarmen, maar nee.

En toch: anders zou ik het niet willen. Dat dan weer niet. Maar die zalige rust van een kantoor, daar verlang ik toch wel eens naar.

Gewoon, een keer iets doen en er dan klaar mee zijn en dat iemand zegt: ‘fijn!’ in plaats dat er iemand met de woordenschat van Patty Brard verdere eisen, wensen en verordeningen naar je hoofd katapulteert.

Koffie kunnen opdrinken in de tijd dat ie warm is, omdat je tussendoor geen op het randje van de trap balancerende dreumesen moet redden en  boterhammen met jam van de vloer moet schrappen.

Kleren aanhebben die langer dan een kwartiertje schoon blijven omdat er geen grijpende peuterhandjes naar je graaien die net *oh pokke* een plant uit zijn potje hebben bevrijd.

Echt joh. Ik ben moe. Gelukkig zijn mijn ouders hier vanaf morgen. Behalve gezellig is dat ook: een keer uit mezelf wakker worden als de kinderen daar logeren. Een keer een paar uur zonder mamamamama aan mijn hoofd.
En heel misschien gewoon eens even helemaal niets doen. Ja, net als vroegah op werk 😉

Ik moet kleren!

‘Boehoe, ik heb helemaal niets om aan te trekken’ miepte ik gisteren tegen de man. Die keek mij verwonderd aan want hoewel mijn kledingkast niet uitpuilt, ligt er toch genoeg dat de dag daarvoor prima voldeed.

Daarom deed ik wat elke vrouw zou doen: ik ging naar zalando.no en laadde mijn virtuele winkelwagentje tot de nok toe vol. Dat was dan 49.547 kronen alstublieft.

Shit.

Een beter plan had ik ook: (ik denk serieus soms na over dingen. nadenken over kleding voelt zo nutteloos maar het voorkomt miskopen als je een plan hebt).

Ik bedacht wat ik leuk vind, en draag.
In mijn geval simpele kleding. Geen ruches, overbodige knoopjes, bandjes of rare prints. Lange hemdjes en longsleeves. Geen doorzichtige of plastic-achtige stoffen, behalve soms een randje kant. Overhemden. Strakke rokken die niet omhoog waaien. Veel been goed, veel buik slecht. Stoffen die niet uittekenen, maar ook geen fladderdingen. Broeken met uitlopende pijpen en alles in zwart, grijs, donkergroen of donkerrood en in een fatsoenlijke kwaliteit.

Er zijn ongelofelijk veel leuke kleren en het is af en toe heus verleidelijk om die leuke dingen te kopen maar ik weet dat ik het in de praktijk nooit zal dragen.

Ik paste al mijn kleren.

Alles ja. Het voelt een beetje vreemd, terwijl de natte sneeuw tegen de ramen waait

Alles dus. Behalve wat in de was zit (dat draag ik dus vind ik het blijkbaar leuk) en waarvan ik zeker weet dat ik het graag draag zoals leggings, wollen truitjes en andere favoriete dingen.

Een paar dingen trok ik aan en dacht direct: nah. Die gaan richting kringloop, waaronder een echt te kort rokje, een panterprint topje (en die is zo gaaf!) en drie sjaals met gaten.

Alleen de fijnste dingen gingen terug de kast in. Gelukkig was dat het overgrote deel.

Ik besefte dat het wel meevalt en bedacht wat ik nodig heb:

Eigenlijk heb ik alleen maar fijne kleren, maar een paar extra dingen zijn erf fijn voor het voorjaar, zomer en de vroege herfst.

  • Een trenchcoat. Dan lijkt je gelijk zo netjes! Ik wil er al lang een.
  • Een nette zwarte broek voor als ik dingen draag die niet tot over de bip vallen.  Leggings are not pants! Mijn oude broeken waren me te groot geworden, maar ik had ze nog niet vervangen. In de winter draag ik uit praktische overwegingen zelden zulke broeken.
  • Een nette strakke rok tot boven de knie.
  • Een mouwloos truitje voor boven mijn groene rok die ik kocht voor een euro. Ik had hem nog niet gepast, maar hij is ideaal voor warme dagen en strand. Maar niet met zo’n lullig hemd erboven.
  • Twee lange longsleeves van goede kwaliteit. Ik draag die zo vaak, maar die ik nu heb zijn nog uit de tijd dat ik ze zes keer per dag omlaag trok voor de baby en zijn derhalve enigszins uit model.

Ik bedacht waar ik het kan vinden:

Sommige dingen zijn niet of nauwelijks tweedehands te vinden (de longsleeves en de lang gezochte trenchcoat), die koop ik nieuw. Met zwarte rokken, broeken en shirtjes hangt de kringloop vol, dus dat is een kwestie van een paar keer binnenlopen. Het hoeft ook niet in een dag gevonden te zijn.

Dus.

Vroeger kocht ik altijd maar wat dingen die ik leuk vond. Met als gevolg een wirwar van stijlen en dingen die ik afzonderlijk leuk vond maar niet kon combineren. Dita von Teese meets Janet Joplin meets Goth en dan uiteindelijk toch altijd dezelfde paar dingen dragen.

Als je weet wat je graag draagt en wat je staat en dingen kiest die onderling te combineren zijn, doe je minder miskopen.

En wees kritisch op wat je koopt. Als je het aantrekt en je staat er meteen aan te trekken, dan is het vermoedelijk niks.
Net als wanneer je in allerlei houdingen moet staan om te kijken of het dan leuk staat. Check ook de achterkant of iets niet strak trekt, lubbert of aftekent. Of wanneer je niets hebt om erbij te dragen.
Koop het alleen in de uitverkoop als je het ook voor de volle prijs zou kopen.

Snel snel….

het was best fijn om die eeuwige trui, broek en laarzen weer aan te trekken. hu, teringweer.

Ik heb een hekel aan winkelen en ben daarom geneigd om nogal snel iets goed te vinden om maar uit de winkel te kunnen. Maar uiteindelijk kost dat meer tijd omdat je vaak iets koopt dat niet helemaal naar je zin is.

Als ik meer tijd besteed aan bedenken wat ik nodig heb en iets echt moois vinden, heb ik er veel langer plezier van en juist minder nodig.

Het is raar maar waar.

 

7 tips om je huis op te ruimen.

Ik kan nu ik kinderen heb, slecht tegen rommel. Dat is onhandig want ze maken belachelijk veel daarvan, maar het zorgt er wel voor dat ons huis een aangename plek blijft.

Sommige mensen doen het prima tussen stapels oud papier, een boekenkast vol met alles behalve boeken en een aanrecht vol gezellige bakjes en potjes maar ik niet, en ik merk ook aan de kinderen dat ze gezelliger zijn in een opgeruimd huis.

Er liggen bij ons ook heus overbodige spullen en ik moet ook opruimen en ik word er soms zelfs wel eens flauw van, de zoveelste keer maar over het algemeen valt het mee. Hoe?

Doe makkelijk dingen weg. Van Lena, Eskil en Sophia doe ik weinig meer weg en ook hun knuffelbeesten moeten allemaal blijven maar spullen die ik zelf niet meer nodig heb en waar ze niet aan gehecht zijn, gaan linea recta de doos voor de kringloop in.

Ik vind het ongelofelijk relaxed om bijna alleen de spullen te hebben die ik op dit moment nodig heb. Natuurlijk zijn er wat praktische zaken op voorraad en wat lieve sentimentele dingen achter in kasten maar verder is alles voor ons leven zoals dat nu is. Niet voor onrealistische dromen en niet voor desillusies uit het verleden.

Een erin, een eruit. Als ik iets nieuws koop, doe ik het oude bijna altijd weg. Alleen iets ‘ernaast’ leggen is in de meeste gevallen overbodig en zonde van het geld.
Als je het zonde vindt om het oude weg te doen, had je het nieuwe niet moeten kopen, denk ik.
Zo waren mijn onderlakens te klein voor onze bedden hier. Na een half jaar ruzie ermee, kocht ik een groot onderlaken. Oh, zo fijn!
Een is genoeg. De andere twee ga ik dan niet bewaren tot ik weer een kleiner bed heb, die kans is vrij klein.

Kies dingen die er niet rommelig uitzien. Een kamer met een plastic wasmand, een berg plastic speelgoed en een oude fleecedeken op de bank ziet er rommelig uit, terwijl een rieten mand, een stapel houten blokken en een wollen deken in een neutrale kleur veel minder zeer doet aan je ogen. Aan de mijne dan zeker.

  • Ruim rigoureus op. Neem er desnoods een paar dagen vrij voor. Houd alleen dingen waar jij of jullie blij van worden. Leef met de dingen die je nu nodig hebt. Je kinderen worden geen baby meer, je vakanties komen niet terug door dozen vol souvenirs en in de toekomst ga je ook die kapotte spullen of niet fijne kleding ook echt niet meer gebruiken. En er is ook zoiets als ‘teveel van het goede’.
    Dat je het misschien ooit nog kan gebruiken, wil niet zeggen dat je het nog dertig jaar in je huis hoeft te hebben. Niemand heeft 50 balpennen, een schoenendoos vol gummetjes, een krat vol oude woonaccessoires of drie complete serviezen nodig.Onthoud: het was zonde van het geld toen je het kocht, niet als je het weg doet. Je hebt je geld ‘weggegooid’ toen je die nu ongebruikte spullen kocht. Van ze in je kast laten staan worden ze alleen maar minder waard en ze geven je bovendien een schuldgevoel.
    Ze spoken rond in je hoofd en pikken je kostbare ruimte in. Doe iets nuttigs ermee en geef het aan de kringloop. Je krijgt je geld niet terug door het tot aan je dood te bewaren. Sterker nog, het leidt alleen maar af.

    Kijk wat het meeste rommel geeft, pak dat aan.

  • Kinderspeelgoed? Kleintjes hebben amper iets nodig, bij iets grotere kinderen kan je vijf dingen voor het grijpen hebben en de rest op verzoek geven. Met een zesjarige zijn prima afspraken te maken over de hoeveelheid spullen en het opruimen ervan. (nakomen is iets anders 😀 )
  • Je keuken? Combineer meerdere functies in een ding, maak minder rommelige maaltijden, geef apparaten die je minder dan eens per week gebruikt een andere bestemming of plaats en zet niet meer serviesgoed in de kast dan wat je op een dag gebruikt.
  • De gang? Ruim alles op wat er niet hoort, breng weinig gebruikte spullen naar kledingkasten en als het dan nog een drama is, schaf dan wat handige opbergdingen aan, of breid de ruimte uit, bijvoorbeeld met een extra kapstok in een trapgat.
  • Rondslingerende kleding? Maak een kleine garderobe met alleen je lievelingskleding. Je hebt maar weinig nodig. Heb je meer lievelingskleren, is dat fijn. Maar pleur je lievelingskleren dan niet op de vloer. Is zonde.
  • Of gewoon de hele dag die *argh* rommeltjes? Maak een of twee keer per dag een ronde met een grote mand en gooi alle slingerende dingen erin. Aan het einde van de week kan iedereen zijn spullen eruit halen, mits ze worden opgeruimd. Wat niet wordt opgehaald, kan weg. 

    En: laat iedereen zijn dingen doen! Want je kan niet alles alleen doen. Je kan ook niet verwachten dat iedereen 80% van zijn meuk bij de kringloop dumpt maar wel dat iedereen zijn rotzooi achter zijn reet opruimt.
    Een jas aan de kapstok hangen, helpen met afruimen, schoenen in een rek zetten en schoon wasgoed in hun eigen kast leggen zijn dingen die ik van drie van de vier kinderen wel verwacht. Ik laat ze merken dat ik er blij mee ben als ze dit doen.

Blotebenenweer. Minstens een half uurtje.

Hoewel het gemeten met een thermometer nog behoorlijk fris is -een graadje of 8- is het bij vlagen toch echt al lente. En ik ben daar zo blij om na een lange winter met te veel binnen zitten.

Ik maakte een fijne wandeling door het bos met de slungel…

de aller, allereerste nieuwe groene blaadjes die ik zag!
hoe cool zou het zijn om een centimeter groot te zijn en hier te wandelen!
mooie aangevreten dooie boomstam
in het vroege voorjaar worden er veel bomen omgehakt, op meerdere plekken langs de weg is opeens zeezicht ontstaan.
mooie takken en blauwe lucht
grote lieve slungel

We staan normaal om kwart over zeven op, om 7 uur gaat de wekker. Ik ga nu om 7 uur eruit en douche snel voordat iedereen beneden komt. Zalig! Als de kinderen naar de bus gaan, doe ik wat oefeningen met de kettle bells en als de koffie klaar is, voel ik me helemaal super. Aaah, energie!

Dat als je om 7 uur wakker wordt, je dit ziet. Waah, zonnetje! Blauwe lucht!

Daarna koffie op het terras. Er is weer wat meer beweging op het water. Hoewel er een stuk of 10 die-hard bootjes zijn die met bijna elk weer wel voorbij komen.

Mij zal je niet zo gauw zien met blote benen maar verscholen achter het wasrek op mijn eigen terrasje kon het wel. En in de beslotenheid van mijn eigen blog. Ze zijn wiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiit jonguh! Ze geven licht, letterlijk 😀

’s Middags hebben we van alles gedaan. Frisbeeën met windkracht 10. Kaassoufles maken en opvreten. Gespeeld bij het strandje, de eerste keer dit jaar met blote voeten in zee! Zelfs het kleine Toetje durfde het. Bikkeltje. Het was een heerlijke dag en nu ben ik moe 🙂

Opa, oma en cadeautjes.

De meeste grootouders geven graag cadeautjes. Zo ook mijn ouders. En terecht, want (klein)kinderen blij maken, is leuk. Dat mijn ouders ze in de tijd dat ze bij ons zijn, extra willen verwennen, snap ik ook goed. Het meeste wat ze krijgen, wordt ook goed gebruikt of bewonderd.

Toch vind ik het soms lastig om hierin de kerk in het midden te houden. Waar ik misschien iets te vaak ‘nee’ roep, vindt vooral mijn vader niets leuker dan dingen voor ze kopen.

Gelukkig kunnen we wel wat tegen mekaar zeggen.

Ik vond bij de kringloop twee bordjes voor mijn ouders. Hierop staat ‘als mama nee zegt, vraag het aan oma’. Op het andere bordje (niet op de foto) staat ‘als oma nee zegt, vraag het aan opa’. It’s funny cuz it’s true.

De kinderen mogen echt wel extra verwend worden als opa en oma er zijn. Maar ik vind enige terughoudendheid aan de kant van grootouders als het gaat om ‘verwennen’ in materiële of eetbare zijn, best fijn. Er zijn zo veel andere dingen waarmee je de kinderen een plezier doet, uiteindelijk. Belangrijker dingen ook.

Want:

  • Het leidt af. Opa en oma zijn leuk omdat ze dingen doen die van mij niet mogen of waar ik geen tijd voor of zin in heb. Pannekoeken met belachelijk veel aardbeienjam, nog een koekje en nog een koekje en opblijven tot 10 uur. Dat is al tof genoeg. Praten over wat ze willen, wat ze mogen en wanneer fokt ze alleen maar onnodig op en ik vind het zonde, voor beide partijen, als opa en oma geassocieerd worden met veel krijgen.
    Het gaat niet om de cadeautjes. Juist niet.
    Ik denk dat een opa en een oma heel bijzondere niet-materiële dingen aan kinderen kunnen geven. Levenswijsheid, verhalen, zulke shit.
  • Het is niet nodig. Mijn opa en oma hadden niet veel te besteden, maar wel de tijd. Ik ging altijd (ja, altijd) met mijn opaatje naar de kinderboerderij in Terneuzen. Knoppie drukken bij het stoplicht, hertjes voeren en in de speeltuin spelen. Naar de bakker, het boertje en de Albert Heijn. En natuurlijk mocht ik wel eens wat. Achter de schermen financierde mijn oma best het een en ander. Maar toen ik klein was en bij ze logeerde, was dat nooit waar het om ging en ik heb het ook nooit gemist.
  • Het botst soms met mijn ideeën. Mijn moeder wilde laarzen kopen voor de jongen maar die waren vermoedelijk van pvc en dat wil ik niet aan hun lijf. Bovendien heeft ie laarzen. Ik voel me echt een bitch om te bellen dat ik het liever niet wil hebben. (maar ik deed het toch)
    Ik wil ook mijn ouders niet het gevoel geven dat ze niets mogen kopen voor ze, want dat is niet zo.Als ik het uitleg, dan begrijpen ze het gelukkig wel. Want echt niet dat ze daadwerkelijk willen dat de jongen op giftige ftalatenlaarsjes rondstapt. Gelukkig.
  • Het zorgt voor gezeik. Aan mijn hoofd! De oudste twee kregen vorige keer een Hele Grote Doos Lego. Fietje kreeg een klein setje. En terecht, ze is ook kleiner. Maar dat vond ze dus Heel Oneerlijk. ‘Waalom klijg ik een kleinele?’ ‘Gllll, omdat je kleinel bent! Basta!’
    Mijn vader merkte op dat ze steeds om dingen vroegen. Maar dat is helemaal niet des onze kinderens.
    Behalve Fietje, die zit nogal in een maggik-fase. We zeiden daarom steeds: ‘Vraag maar voor je verjaardag’. Dus nu vraagt ze bij alles of ze het voor haar verjaardag mag. Die is in januari. Dat is zo mogelijk nog irritanter.Ze vragen zelden ergens om maar ze vragen dingen aan mijn ouders omdat ze weten dat ze het heel vaak ook krijgen. Leuker worden ze er echter niet van.
  • Het zijn spullen. De meeste spullen voegen niet echt iets toe aan wat er al is. Als er vijf legosets half afgebroken in de kast staan dan is de kick van een zesde eventjes leuk, maar is ie toch een zelfde lot beschoren.Ik vind het dan leuker als opa gaat doen waar man en ik geen tijd voor hebben: het terug in elkaar zetten van de vijf andere sets. Gratis en net zo gezellig. Praktisch ook. Maar ja, ik gun hem ook wel het plezier van het geven van zoiets. Dat dan weer wel.

Het is geven en nemen. Letterlijk maar ook figuurlijk. Van mij mogen de kinderen niet zo veel en ik steek stokjes voor dingen waar ik kan terwijl mijn vader zegt ‘laat mij nou lekker’ en ‘wat moet ik anders met mijn geld’.

En dan zucht ik een keer diep als er toch die enorme legoset gekocht wordt. En mijn ouders zeggen soms gewoon ‘nee’ tegen de kinderen.

Zo komt alles toch nog goed 🙂

Recept: chocolade-bananentaart

foto: http://www.kingarthurflour.com/

De laatste tijd zitten er steeds rotte exemplaren bij de bananen die we kopen. Na een paar dagen ligt er dan opeens half bruin exemplaar vol bananensnot in de la. Viesssss! Maar, weggooien is zonde dus we bewaren ze in de koelkast tot we er 3 of 4 hebben en dan maken we er taart van. Zo makkelijk. Drie van de vier kinderen vinden het in elk geval heerlijk.

Je neemt:

  • 1/2 cup boter op kamertemperatuur
  • 1/2 cup bruine suiker (of gewone)
  • een flinke theelepel kaneel of koekkruiden
  • een flinke theelepel baking soda, bakpoeder of een mengsel van beide
  • een klein beetje zout
  • optioneel: 1 tl. vanille-extract

Meng dit door elkaar. Het is niet erg als er nog klontjes in zitten, dit komt  wel goed als je meel erbij doet.

Als het gemengd is, voeg je toe:

  • 3 el. jam (wij gebruikten aardbeien, abrikozen kan ook)
  • 3 grote / 4 kleine overrijpe bananen (met ‘verse’ banaan wordt ie echt niet lekker. Pureer of prak ze eerst fijn.)
  • 1/4 cup cacaopoeder
  • 1/4 cup honing
  • 2 grote eieren
  • 2 1/4 cup tarwebloem
  • optioneel: een handje gehakte walnoten

Als het een mooi glad mengsel is geworden, doe je het in een vorm of pan met bakpapier. Je bakt de taart op 160 graden, ongeveer drie kwartier. Daarna leg je er een deksel of stuk folie op en bak je hem nog 20 minuten. Hij is klaar als er geen nat beslag meer aan een mes dat je erin steekt, blijft hangen.

Duurzamere dingen: emmer!

Oh jee. Dure sokken, hammamdoeken, menstruatiecups, linnen tasjes,… ik lijk wel een winkelblog. Maar ik probeer betere keuzes te maken in dingen die ik anders gedachteloos koop. De zoveelste sokken bij de hema sparkjøp, een pak tampons, een grote boodschappentas bij de kassa….

Mijn ideaal is om het nog een keer te kopen en vervolgens jarenlang of zelfs een leven lang met plezier te gebruiken en niet te hoeven vervangen. En het werkt prima. Ik heb bijvoorbeeld bijna negen maanden geen sokken meer hoeven kopen voor man en mij en ik ben erg blij met mijn blije onverwoestbare sokken.

En zo zijn er veel dingen die ik niet meer zonder erbij na te denken wil kopen. En weer. En weer.

Plastic emmers bijvoorbeeld. Argh! Zo lelijk. Zo groot. Zo praktisch ook. Zo nodig. Om een vuil kledingstuk in voor te weken. Een sopje te maken voor de auto. Om geplukte bessen in te bewaren. Voor een enorm boeket fluitekruid. Om mee te spelen aan het strand. Om de baby in te badderen. Om mee te spelen voor de kinderen. Om dingen uit het bos in te jutten.

Om een of andere reden gaan onze emmers altijd kapot. De hengsels laten los of er komen scheuren in enzo.

Vervangen is makkelijk: ze kosten ‘niks’ maar steeds heb je na een paar maanden tot een paar jaar het zelfde probleem: kaput. En je kan ze eventueel hergebruiken als plantenpot of iets anders goedbedoelds, maar dat wil je toch eigenlijk ook niet….

Zo frustrerend. Ik voel me echt slecht als ik zo’n stuk plastic weg moet gooien. Soms is plastic echt superhandig hoor. Maar niet voor iets dat zo intensief gebruikt wordt als een emmer.

Dus kochten we een emmer van RVS. Een mooie van 10 liter, met een stevig hengsel en een literverdeling aan de binnenkant. Hij kostte 399 kronen (46 euro ongeveer) en ja, daar hadden we flink wat plastic emmers voor kunnen kopen. Maar blergh, ik wil geen dingen meer weggooien. Hergebruiken: graag. Recyclen: fijn als het moet en kan. Maar wegflikkeren voor altijd: nee.

Deze emmer is superfijn in gebruik. Als ie vol water zit hoef je niet bang te zijn dat het handvat loslaat. Hij is stevig maar niet eens veel zwaarder dan een gewone plastic emmer. Er kan eten in worden bewaard, als dat moet. Hij blijft mooi. Hij heeft geen naden waarop ie kapot kan gaan. Als ie na gebruik nog in het zicht staat, is dat niet storend. Hij staat nu al drie dagen op de (niet brandende) kachel en daar staat ie prima. Hij neemt geen geuren over. Hij kan worden gebruikt om de kachel in uit te scheppen zonder dat ie smelt. Vermoedelijk overleeft ie ons en wordt ie, in tegenstelling tot ons, niet echt lelijker met het verstrijken van de jaren.

Deze baktaartenhobbywinkel verkoopt ze voor een nette prijs, hier. (maar ik heb er zelfs niets gekocht, dus ik weet niet of ik ze aan kan bevelen. ze hebben er te veel leuke dingen ook) De Boerenbond heeft ze misschien ook? Bol heeft ze, voor veel geld.

Ik zeg niet dat je for the sake van de betere looks je plastic emmers moet wegflikkeren, maar als ze toch kapot zijn en je een vervanging zoekt, dan zijn deze een mooi, veelzijdig en duurzaam alternatief waar je een leven lang plezier van hebt. Het is echt relaxeter om het zo te doen, vind ik. Ik hoef nooit meer te denken of ik misschien deze spullen nog nodig heb en zo ja, wat ik dan moet kiezen of waar ik het moet kopen. Bovendien zijn kwalitatief betere spullen veel aangenamer in gebruik, ik denk omdat ze niet kapot gaan, mooi verouderen en in het geval van kapot, vaak te repareren zijn.

Duurzamere dingen: menstruatiecup en menstruatie-ondergoed

Allereerst: TMI-alert. Als je geen zin hebt om te lezen over bloedende vrouw, moet je nu stoppen want ik schrijf een stukje over menstruatiespulletjes.

Waarom een menstruatiecup?

Sinds zeven jaar gebruik ik een menstruatiecup in plaats van tampons. In niet-biologische tampons zitten stoffen die je niet in je lijf wil zoals residuen van pesticiden, glyfosaat en bleekmiddelen die juist daar makkelijk worden opgenomen in je bloedbaan. Glyfosaat is van evil Monsanto en is ‘vermoedelijk kankerverwekkend’ volgens de WHO. Dat het niet gewoon ‘gruwelijk kankerverwekkend’ mag zijn is vermoedelijk te ‘danken’ aan de advocaten van dit bedrijf.

Daarbij zijn tampons super absorberend door de toevoeging van rayon. Dat absorberen is goed, maar niet voor je slijmvlies dat makkelijk geïrriteerd kan raken hierdoor. Het tast de natuurlijke balans van je vagina aan omdat het alles in zijn buurt absorbeert, met een grotere kans op infecties. Dat wil je ook al niet. Hier kan je daar meer over lezen.

Een menstruatiecup is een siliconen bakje dat je vouwt en inbrengt. Het lijkt vreemd dat je er niets van voelt maar als je de juiste cup gebruikt en hem juist inbrengt, voel je hem in principe niet. (RTFM is in dit geval echt aan te raden. niet als een kip zonder kop die cup erin douwen! of eruit trekken)

Een menstruatiecup absorbeert niets en vangt alleen vloeistof op. Het enige nadeel is dat je om hem te legen bij voorkeur een toilet met een kraantje nodig hebt, zodat je hem gelijk af kan spoelen. Sinds mijn zoveelste zwangerschap zijn dag 2 en 3 nogal bloederig en als ik dan van huis wil, gebruik ik wel liever (biologische) tampons. Maar alleen dan.

Het scheelt ongelofelijk veel afval. Na een paar maanden heb je het geld ‘eruit’ en scheelt het ook nog eens veel geld. Ik heb na dag drie helemaal niet meer door dat ik ongesteld ben omdat de cup redelijk wat vloeistof kan opvangen en je hem niet om de paar uur hoeft te vervangen zoals een tampon (au)

Het materiaal van een menstruatiecup

De cups worden gemaakt van rubber, siliconen of TPE. Dit materiaal ‘lekt’ niet in het lichaam. Ze zijn ongetwijfeld te koop op alibaba maar mijn advies: doe het niet want je weet niet waar het van gemaakt is. Koop iets bij een betrouwbare webshop met goede service, zoals Cute Cotton. Al hun producten voldoen aan strenge kwaliteitseisen. Voor gedetailleerde informatie over welke maat en welke soort kan je hier terecht, op het blog van Nienke.

Menstruatie-ondergoed.

Ze verzinnen ook steeds weer wat nieuws. En dat is fijn! Want toen had ik alleen nog het probleem van ’s nachts. Wel, probleempje, maar toch!
Slaapt dat kleine kindje heel de nacht, word ik zelf wakker van een bloedbad rond vieren. Jammer genoeg lijkt dat nogal een persisterend probleem sinds de laatste zwangerschap.

Dat je het eerst met je slaapdronken hoofd nog ontkent en probeert niet te bewegen, maar dat je uiteindelijk toch met een handdoek tussen de benen naar de douche moet gaan. Zo! Niet! Leuk! En nee, ik wil geen maandverband. Ik haat het.

Daar is dus ook een oplossing voor. Ik ging op de internets en kocht Period Panties van Thinx. Ja, ik was in een spenderende bui. Je leeft maar een keer yo!

Period panties of menstruatieondergoed zijn onderbroeken met een paar extra absorberende laagjes die dezelfde hoeveelheid bloed kunnen absorberen als een of twee normale tampons. Ik bestelde de ‘hiphuggers’. Categorie Grof Geschut. Maar, en dat is ook het fijne: best nog oké voor Grof Geschut.

Ik heb maat 36 / 38, ik bestelde maat M. Ik schrok van de enorme groβe Hosen die -binnen twee weken- geleverd werd, maar ze passen perfect. Ze zitten heel comfortabel.
Je merkt niets van die extra laagjes. En het belangrijkste: ze houden het vol tot ik door de kinderen uit bed getetterd word! Ze voelen niet nattig. Of dikkig. Zo ideaal! Je spoelt ze in koud (koud!) water. Vervolgens was je ze zonder wasverzachter en droog je ze aan de lijn om de absorberende eigenschappen te behouden.

Ze zijn niet goedkoop maar een goede nachtrust is me veel waard. Aangezien ik ze maar eens per maand gebruik en niet van plan was een enorme aars te kweken, kan ik er nog jaren mee doen.

⇒ en voor mensen met last van incontinentie, er is ook een ondergoedlijn daarvoor van hetzelfde bedrijf  De tenalady’s verwisselen voor mooi vrouwelijk ondergoed met dezelfde functie: het lijkt me ongelofelijk fijn als je het nodig hebt. vandaar de link 🙂

Huistoer deel 2: keuken.

Overdag zit ik vaak in de keuken. Het is de beste plek: de meeste warmte van de zon, het fijnste licht, het beste uitzicht, de grootste ramen. Ik voel me gauw zo’n slons als ik op de bank hang, dat bewaar ik voor ’s avonds.

Aan de tafel kunnen tien personen zitten. Handig als we visite hebben of in vakanties als we kinderen veel hobbyen aan tafel. Nu Toetje op de Tripp Trapp zit die hier al stond, kon die ANTILOP naar de kringloop. Hiephoi!

Aan de muur hangt bijna niets. Ik kan behalve het prachtige uitzicht ook niets ‘grafisch’ verzinnen dat ik graag elke dag zou willen zien. De klok en kalender zijn gewoon praktisch.

Hier staan borden, schalen, glazen, schaaltjes, lunchtrommels, bewaarbakjes, weegschaal en maatbekers. De borden en schalen zijn de goedkoopste van ikea van gehard glas, maar ze nemen weinig plek in en zijn verrassend stevig. We hebben 4 grote bier- en waterglazen en we gebruiken picardieglazen voor koffie, thee en wijn.

De open planken houd ik leeg, ik hartje de lege ruimte. Het enige op het aanrecht is een bakje met spons en borstels en het koffiezetapparaat. Na lang zoeken hebben we eindelijk een heel fijne! Ik vind hem leuk omdat ie heerlijke koffie zet binnen een paar minuten en omdat ie zo eenvoudig is. Er zit niets op ter versiering, prachtig.

De laden zijn te ondiep voor een nette ladeverdeler, daarom ligt alles los.

Ik heb veel pannen die ik allemaal gebruik. Ik kook veel rijst of soep in een keer en laat het in de pan. In de winter zet ik die gewoon buiten.

 

De rest van de kastjes is meer van dit. Voorraad. De snijplankjes zijn fijn. Ze zijn snijplankjes (duh), onderzetters en serveerplankjes (als we chique willen doen). Ik hartje multifunctionele dingen.

Maar het mooiste is toch het uitzicht vanuit de keuken. Inmiddels heb ik een flinke verzameling foto’s, waarvan hier een kleine selectie.

Huistoer deel 1: gang / hal

Een flink deel van onze benedenverdieping bestaat uit hal. En dat is zo handig met die grote skipakken, rugzakken, kaplaarzen en andere uitrusting.

In deze gang staat het grootste deel van het gereedschap, de voorraad van de modelbouwwinkel, verf, reddingsvesten, de kattenbak en de wasmachine en droger. En de krik. Die is zo handig als je in het donker naar de wc loopt.

Als de man ergens mee bezig is (altijd) staat er van alles.

Aan de rechtse kant is een bijkeuken. Handig voor het schoonmaken van vis of andere pekkige klusjes.

Daarnaast is de hal waar de spullen staan die in gebruik zijn. Nu staat er weinig, want bijna iedereen is buiten de deur.

De kapstokken en schoenenrekjes stonden hier al en hiephoi voor de schoenendroger.

In de witte kast zitten sjaals, handschoenen en wanten, iedereen heeft 1 lade. Voor de kinderen heb ik overal meerdere exemplaren van. Op school zijn ze elke dag minimaal een uur buiten en het weer vraagt ook om meerdere soorten spullen. Op de witte kast staat meestal een mand met spullen die naar boven moeten.

Na april verruilen we winterspul voor zomerspul.

Aan het magneetbord hangen dingen die we niet moeten vergeten. Rekeningen, in dit geval 🙁

Links is de deur die we met slecht weer gebruiken. Er ligt zeil en een grote mat. Handig bij smeltende sneeuw!

Rechts is een ‘gastentoilet’. Hier staan bakken voor oud papier, blik + metaal en overig recyclebaar afval en de stofzuiger, bezem en dweil.

Onder aan de trap staat een kast voor alle spullen die tijdelijk niet in gebruik zijn want 6 mensen x 3 paar schoenen = bijna 40 exemplaren = rotzooi.

Hier liggen de rugzakken van de kinderen. Spullen die buiten het seizoen zijn (zoals nu bijvoorbeeld slippers), bewaar ik bovenin kledingkasten. Een kast met een deurtje zou netter zijn, maar dat is naar mijn mening het geld niet waard, ik zie hem alleen als ik er recht voor sta.

Ik ben blij met alle ruimte. Had ik die niet, dan zou ik hangende vakjeszakken van ikea aan de kapstok hangen voor winterspulletjes en spullen in manden op de kapstok bewaren maar aangezien ik de ruimte heb, ik dit makkelijk vind en het fijn vind om wat lege ruimte te hebben, doe ik het zo. Nu kunnen de kinderen alles zelf pakken en terugleggen, dat scheelt een boel ge-mamamamamamama!

Duurzamere dingen: linnen tasjes

Ik zocht een fijne boodschappentas om altijd bij me te kunnen hebben, zodat ik me nooit meer een plastic tasje in de hand hoef te laten frommelen. Ik had nog een katoenen exemplaar van de lidl. Nah…

Na enig zoeken kwam ik bij het materiaal linnen. Ik ken het vooral van meutige jurken* maar er wordt  van alles van gemaakt. Eigenlijk ben ik nu best een fan van linnen. (*ik bedoel dat ik eruit zie als een kneus met zoiets. genoeg mensen die het prima staat!)

Op etsy zijn heel veel makers van linnen spullen, vooral in de Baltische Staten. Tafelkleden, jurken, waszakken, tafellopers, dekbedhoezen en tasjes, dus. Jammer genoeg was de tas die ik kocht niet helemaal naar mijn zin, de schouderband is best dun. Maar verder is ie prima, ik neem hem toch niet mee på tur ofzo.

Linnen heeft een aantal grote voordelen:

  • de productie is behoorlijk milieuvriendelijk
  • het is een natuurmateriaal
  • het is makkelijk te reinigen
  • het heeft een mooie uitstraling
  • het is te repareren
  • het gaat super lang mee
  • het is duurrrzaam
  • het wordt (in dit geval) in Europa gemaakt
  • het is heel klein op te vouwen
  • het is heel zacht en toch sterk

Bij een andere winkel, Linen Cloud, kocht ik een waszak voor in onze slaapkamer. En die is perfect. Mooi gemaakt door aardige mensen voor een mooie prijs. En toen bedacht ik dat die zakken, in een iets kleiner formaat, prima dienst kunnen doen als boodschappentassen. En hangend aan de kapstok wanneer niet in gebruik, zien ze er ook nog eens mooi uit.

Nu gebruiken we intens lelijke ‘shoppers’ van de Aldi en Lidl, in diverse stadia van ontbinding. Behalve intens lelijk, hangen ze ook nog eens in de weg want klein opvouwen is onmogelijk. Daarom bewaar ik ze altijd uit het zicht, waardoor ik ze nog wel eens vergeet.
Over een weekje worden ze geleverd. Ik ga er echt blij mee zijn!

De lelijke oude boodschappentassen kunnen we dan mooi gebruiken voor het scheppen van orde in de vrieskist 🙂

 

Generaal Tso’s Kip, lekkerder dan bij de Chinees.

Ken je dat gerecht met kip in een korstje in zo’n plakkerige, zoetzure saus dat je bij de chinees krijgt? Waarvan je je afvraagt hoe ze het maken? En dan denkt: dat kunnen ze alleen in restaurants….

Wel, het is eigenlijk heel makkelijk en dat kan jij ook in kleine keukentje. Moet je doen wat ik zeg 😉

Van de week moest de man lang weg dus ik wilde iets lekkers koken voor als hij terugkwam. Via pinterest -duh- kwam ik op het recept voor General Tso’s Chicken. Het heeft niks met General Tso te maken, maar wie maalt daar nu om. General Tso zelf zeker niet, die is al zo’n 130 jaar dood.

Het is een makkelijk recept, maar je bent er wel even mee bezig en de meeste tijd zit in het frituren van de kip. Je kan het meeste uren van te voren bereiden, tot aan waar je de groenten moet bakken. Daarna is het toch in een paar minuten klaar.

Het lekkerste is het wel, als de kip net gefrituurd is, maar ook een dag later is het nog heel erg lekker. Het wordt niet zompig. Je kan het opwarmen in een koekenpan met een beetje extra bouillon of water erbij. Als je dat niet doet, wordt de saus die flink wat maizena bevat, rubberachtig.

De hoeveelheid is voor 5 goed etende personen ongeveer.

de beste manier om aandacht van je kinderen te krijgen: iets doen waarbij je ze niet kan gebruiken.

Je snijdt kip en groenten:

  • 750 gram / 1 kg kipfilet in evengrote blokjes
  • een bos bosuitjes in ringetjes
  • 6 chilipepers in ringetjes

(Dit is de minimale hoeveelheid groenten. Ik doe er twee bossen bosuitjes in en een prei. Let wel dat je een pan hebt die groot genoeg is. Die van mij is 32 cm doorsnee.

Ondanks de pepers is het absoluut niet heet vind ik, maar wij hartje heet eten. Je kan ook paprika gebruiken)

Dan maak je de ‘slurry’. Het korstje voor de kip.

Je mengt:

  • 1 cup maizena of aardappelzetmeel
  • 1 ei
  • 1/4 cup sojasaus
maizena + sojasaus, het korstje van de kip

Goed roeren tot het een glad mengsel is. Doe de blokjes kip hierin en meng tot alles bedekt is met het mengsel. Laat het staan.

Het voelt gek en is even lastig om te mengen, maar dat hoort zo!

Maak de saus. Meng in een flinke kom:

  • 1/2 cup maizena of aardappelzetmeel
  • 1/4 cup water
  • 3/4 cup suiker
  • 1/2 cup sojasaus
  • 1/4 cup azijn
  • 1/4 cup witte wijn
  • 4 dl. kippenbouillon (4 dl water, een kleine el. zout en eventueel wat kruiden volstaat ook)
  • 4 teentjes knoflook, geperst of gehakt
dit kommetje is te klein.

Frituur de kip op 185 graden, ongeveer 1,5 / 2 minuut.

Het heeft de neiging gruwelijk aan het frituurmandje te plakken. Dat kan je voorkomen door de stukjes een voor een met behulp van twee lepels langzaamaan in de olie te laten glijden. Zo schroeit het dicht, voor het aan het netje plakt.

Leg de gefrituurde stukjes kip op het rooster van de oven, of op wat keukenpapier.

 

Als alle kip gefrituurd is, verwarm je een scheutje olie in een grote koekenpan. Hierin roerbak je de groenten. Houdt eventueel wat lente ui over voor garnering.

nog iets te dun…

Na een minuutje gooi je de saus erbij. Die laat je indikken tot ie bijna de gewenste dikte heeft.

De saus wordt heel snel dikker. Let hier goed op en blijf erbij.

Doe de kip erbij. Laat hem nog een minuutje meegaren. Iets langer als de kip echt was afgekoeld.

De saus moet echt niet meer nat zijn, maar ook niet gestold. Dan is ie perfect. Je ziet het vanzelf wat ik bedoel 🙂

Garneer met lente ui en geroosterde sesamzaadjes, als je in een garnerende bui bent.

klaal!

Serveer met rijst, nasi goreng of whatever.

 

 

 

Noorse communicatie.

Noren en Nederlanders lijken best wel op elkaar. Toch zijn er een paar grote verschillen: de Noren zijn bijvoorbeeld veel minder direct dan Nederlanders.

Ze zeggen liever geen ‘nee’ of ‘je doet het fout’. Dat vinden Duitsers ook, terwijl die toch al veel minder direct zijn dan mensen uit het (het westen van) Nederland.
Communiceren doen Noren dan wel weer directer. Eenvoudiger. Dat kan voor een Nederlander juist weer als lomp of bot worden gezien. Voorbeelden?

Als aanhef van een brief:

NL: Zeer geachte mevrouw Van den Bosch, beste Gerlinde,
NO: hei

Of in een winkel:

NL: Goedemorgen mevrouw
– Goedemorgen.
Heeft u alles kunnen vinden?
– Ja.
Heeft u interesse in onze klantenkaart?
– Nee bedankt
Wilt u zegels voor onze overbodige messensettenspaaractie?
– Nee
Wilt u een tasje eromheen?
– Nee
Wenst u contant of pin?
– Pin
Dat is dat 33,95 alsjeblieft
Wilt u misschien het bonnetje?
– Nee bedankt.
Okee! Nog een fijne dag en tot ziens!
– Insgelijks!

NO
Hei
– Hei
Pose? (tasje)
– Nei takk
Kvittering?
– Nei
Ha det!

Contact met een verzekeringsmaatschappij:

NL: Geachte mevrouw,

Hartelijk dank voor uw bericht van 5 maart jl., waarin u ons verzoekt het risico-adres van uw inboedelverzekering met polisnummer 98345984 aan te passen van Mæbø naar Sundet. Bij deze laten wij u weten dat wij een en ander hebben doorgevoerd in onze administratie. Uw nieuwe polisdocumenten kunt u inzien op onze website en zullen u per separate post worden nagezonden. Heeft u naar aanleiding van het bovenstaande nog vragen, aarzelt u dan niet om contact met ons op te nemen. Dat kan op werkdagen tussen 9 en 5 op telefoonnummer 0349039509. Met vriendelijke groet, Mede Werker van De Verzekeringsmaatschappij.
P.S.: verzeker nu uw huisdier, fiets en mobiele telefoon en ontvang 5% korting op uw vierde onzinverzekering!

NO: Hei, dat is bij deze geregeld. Ha en fin dag 🙂 (ja, inclusief smilie)

Als er een foutje is gemaakt bij de winkel:

NL: Onze excuses mevrouw, wat vervelend dat u dit heeft moeten meemaken. Hier is uw geld retour, inclusief een kortingsbon voor e-nummer-ijsjes. Zou u ons klanttevredenheidsonderzoek willen invullen?

NO: *pakt 45 kronen uit kassalade* Sånn! (zo!)

Als je iets laat vallen:

NL: mevrouw! mevrouw, u laat uw jas (tas, kind, portemonnee) vallen!
NO: DU! DU! DUUU!

Als je iets niet goed verstaat

NL: pardon, kunt u dat nog een keer herhalen?
NO: Æ? / hm?

Als er kritiek moet worden geleverd, gaat dat juist wel weer met heel veel tekst, waarin vooral alle positieve dingen benadrukt worden.

Toch is het wel grappig om te zien hoe mensen in Nederland al dat ge-u en ge-alsjeblieft willen zien en beledigd zijn als ze het niet krijgen. Alsof het wat uitmaakt voor hoe diegene die je aanspreekt, daadwerkelijk over je denkt. Maar de taal is nu eenmaal zo.

Uiteraard overdrijf ik een beetje. En kinderen moeten hier natuurlijk ook gewoon netjes bedanken en niet ‘hei du’ tegen zomaar iemand roepen. Een ouder iemand gewoon bij de voornaam aanspreken is echter gebruikelijk en zeker geen teken van onbeleefdheid.

En hier nog een leuk stukje over de Scandinavische talen van Genootschap Onze Taal.

Pillen.

Ik ben blij dat er meer bekend wordt over de schadelijke gevolgen van pilgebruik. Niet alleen voor het milieu maar ook voor de gebruiksters.
Ik weet dat veel mensen zich er beter bij voelen, maar zelf vond ik het vreselijk. Dat dat kwam door de pil, was echter iets waar ik pas na jaren achter kwam.

Ik slikte hem vanaf mijn 15e tot mijn 22e. Toen vergat ik hem een paar keer achter elkaar en besloot mijn gewone cyclus weer af te wachten. Dat duurde even en ik voelde me toen zo ongelofelijk veel beter dat ik besloot er helemaal mee te stoppen. Echt, opgelucht. Alsof ik onder een grijze deken vandaan stapte.

Dat zo’n klein pilletje zo belachelijk veel slechts kan doen, wist ik niet toen ik eraan begon. Het voordeel lijkt zo groot: straffeloos batsen wanneer je maar wil.
Maar het nadeel was -zo bleek vooral achteraf- minder zin daarin door diezelfde pil.
Belachelijke stemmingswisselingen, woede-uitbarstingen en uit mijn dak om niets: ik kon het. Dat lag ook aan mezelf, ik kan nog steeds opvliegerig zijn maar tegenwoordig heeft dat meestal wel een goede reden 😉

De pil maakte alles veel erger. De negatieve dingen dan, de rest was vrij vlak.

Want wat doet dat dagelijkse tabletje eigenlijk? De pil legt de productie van drie hormonen in de eierstokken stil – oestrogenen, progestagenen en androgenen (testosteron). Van die drie geeft de pil alleen het testosteron niet in synthetische vorm terug. De testosteronproductie van een pilgebruikster, die naast de eierstokken enkel in de bijnieren plaatsvindt, raakt zo gehalveerd. Bovendien stijgt de hoeveelheid SHBG (Sex Hormone Binding Globulin), dat een deel van het resterende testosteron wegvangt.

En laat testosteron nu net verantwoordelijk zijn voor wat we ‘libido’ noemen. Dit is de reden dat gemiddeld genomen de seksuele responsiviteit van pilgebruiksters afneemt: ze zijn minder gevoelig voor seksuele prikkels, hebben minder vaak seksuele fantasieën, en zelfs minder gevoelige geslachtsdelen.

Voor de duidelijkheid: alle vrouwen die de pil slikken, hebben een lagere testosteronspiegel. Voor 10 tot 15 procent heeft dat echt een negatief effect op het dagelijks (en nachtelijk) leven, zegt Van Lunsen. Maar hij vertelt ook over een recent experiment waarin vrouwen die tevreden waren over hun seksleven, stopten met de pil. Zelfs van deze tevreden vrouwen merkte een meerderheid een significante verbetering in bed: ze werden ontvankelijker voor seksueel initiatief van hun partner. bron: de correspondent

Ook interessant: 2D-4D ratio. Dat is de verhouding tussen je ring- en wijsvinger. Is je wijsvinger korter dan je ringvinger, dan ben je gevoeliger voor testosteron en zal je meer last hebben van de effecten van de pil op je libido. Wel, dat verklaart het! 🙂 Nee, dat is niet alleen maar BS: google 2D-4D ratio of lees het hele artikel van De Correspondent. Herkenbaar?

Ik ben echt blij om mijn eigen cyclus te hebben, in plaats van die vreselijke synthetische hormonen-pil-variant. Week vier van die cyclus is nog altijd niet mijn beste, met een kort lontje en een ik-voel-me-zo-viesvadsigdik-gevoel, maar ik weet waar het van komt en ook dat ik het een paar dagen later weer kwijt ben en dan voel ik me weer gewoon zoals altijd: prima, soms zelfs geweldig 😉

Ik vind het mooi om te zien hoe mijn lijf reageert op alles. Dat het vruchtbaarste moment bijna precies plaatsvindt met volle maan. Hoe ik me rond die tijd voel: goed en vrouwelijk en gelukkig. Dat ik in de periode daarna altijd meer ‘in mijn hoofd’ zit. Hoe ongesteld worden altijd weer als een opluchting voelt. Een nieuwe start. Het is nog altijd niet mijn hobby, maar sinds ik het op die manier kan duiden vind ik het ook niet meer zo vervelend.

Helaas worden bijwerkingen van de pil weinig onderkend en zelden als oorzaak van een kwaal gezien. Veel vrouwen moeten dit ‘bij toeval’ ontdekken.

Een huisarts zal er ook weinig over zeggen. Ik kreeg ‘m op mijn 24e nog eens opgedrongen door de huisarts, toen ik om een morning after pil ging.
‘Heel weinig bijwerkingen’ zei ie, toen ik ernaar vroeg. Hij. Ja natuurlijk. Zou de beste man zelf iets slikken wat zijn hormoonhuishouding overhoop zou halen en zijn zin in seks zou terugbrengen tot ‘iets dat erbij hoort’? Na twee weken ben ik er definitief mee gestopt en heb ik ze braaf terug ingeleverd bij de apotheek.

Ik heb genoeg aan mijn eigen hormonen 🙂

Waaiend.

Het waait hier gruwelijk hard! Als je buiten (of binnen) bent, klinkt het alsof er constant stroomtreinen voorbij denderen. De wind gaat tussen het eiland en het vaste land door en daartussen is de brug. Fuuuuuuuuuut doet dat. Heel. de. tijd.  Ik had eigenlijk niet verwacht dat het zo tekeer zou kunnen gaan hier.

Middels een mooie tekening, heb ik een en ander inzichtelijk getracht te maken. Maar het is overal in het zuiden gewoon netenweer.

We gingen even naar buiten maar erg aangenaam was dat niet. Toetje was eenmaal weer binnen en ontdooid stikboos.

Leuk. Een kwartier voorbereiden met sneeuwbroeken en laarzen en jassen en handschoenen, een kwartiertje vernikkelen lol en een kwartier kleding uithangen, de vloer dweilen en daarna nog effe lekker sneeuw schuiven anders krijgen we morgen de deuren niet open. De ene deur wilde net al niet.

Het is ook lastige sneeuw, eerst viel er natte sneeuw en nu valt er gewone sneeuw. De onderlaag is dus spekglad want het blijft vriezen. Morgen is er nog sneeuw, de dagen erna is het overdag lekker, en ’s nachts ijskoud dus jeej, ijsbanen overal!

We hebben wel heel kerstige sneeuw langs het raam. Leuk, zo aan de vooravond van de lente 😉

Maar de kindjes slapen lekker overal doorheen. Dit was eigenlijk gisteren, maar dat zie je niet aan de foto natuurlijk. In ons bed slapen is het toppunt van leuk.

Ik rommelde een beetje in huis. De kinderen waren dan weer buiten, dan weer tenten aan het bouwen boven…

De man was een Kraanische Mensch en ging oude vloerbedekking afsteken en dingen schuren op het bootje. Niet het ideale weer ervoor, maar straks is het ook weer ideaal weer om te varen en het is fijn als ie dan helemaal in orde is.

De keuken is weer fris en fruitig en redelijk leeg. Echt fijn als alles weer opgeruimd in schone kastjes woont en dingen niet in vijf aangebroken verpakkingen overal rondslingeren. De woonkamer was ook even netjes. Snel een foto van maken, als bewijs.

Zo gezellig tegen de avond, kaarsen aan dan het contrast met de blauw kou van buiten.

De overkant was hier nog te zien…

Supergezellig ook, bij ons binnen!

En nu maar hopen dat de stroom aanblijft, want dat is toch wel makkelijk.

Noors voorjaar: ik houd ervan! ♥

Blije dingen!

(argh, ik zet wat oude dingen terug, blijkt toch die stomme emailnotificatie nog aan te staan. ik dacht dat ik alles had uitgezet en dat leek ook zo, tot vijf minuten later alsnog mails werden verzonden. shiiit! sorry. alweer. volgens mij staat nu echt alles. uit. *duikt weg voor digitale eieren en tomaten*)

Dat je op zoek bent naar broeken voor de kleinste en vijf hele leuke vind. Plus een schattig vestje. Twee blije sjaaltjes. Een wollen broekje en overhemdje, ook voor de baby dreumes. En twee truien voor de jongen.  Nog wat dingetjes. Alles voor een euro per stuk. 185 euro uitsparen: gelukt!

Ik bestelde boodschappen zakjes  en deze week werden ze geleverd. Ecologisch scharrelkatoen was natuurlijk beter, maar ik heb geen zin om keer op keer de groenteprijs voor mijn eigen herbruikbare zakjes te betalen, daarom deze exemplaren. Ze vouwen bovendien ienieminie op.

Het was een paar keer lente. Nu is het rond het vriespunt, het regent sneeuwt regent natte sneeuwt en het waait dus de gevoelstemperatuur ligt rond de -10. Een fijne dag voor koffie, boterkoek en iets bakken. Dankzij vroege kinderen vanmorgen, lijkt het vroeg te blijven vandaag. Zo heeft alles zijn voordelen.

Verder:

Ik werd echt zo blij van de foto’s op dit blog. Ouderwetsch, duits, biologisch, zelfvoorzienend, baardig, zelfgebreid, houtgehakt en wortelgroenten. Ja, mooi. Vind direct het hebben van een biologische schapenboerderij een briljant idee 😉

Ik las het blog van deze vrolijke wereldreizende Ier.

En deze: Everyting is Fucked and I’m Pretty Sure it’s the Internets Fault.

Prachtig bewaarde steden van Europa

Ik lees dit boek. Mooi, leuk, gaaf!

Via Eigenwijzehuisje keek ik deze:

Fijn weekend! Of op Noors: God Helg!

 

Multifunctionele kleren.

Kleren die overal bij passen: ik vind ze fijn! Niet dat alles nu maar multifunctioneel hoeft te zijn, dat zou ook maar saai wezen. Maar een paar dingen die altijd of heel vaak kunnen: jeej voor dat!

Mijn allerfavorietste dingen zijn deze:

Wollen truitjes!

Longsleeves van Pierre Robert. Gemaakt van wol. Heel erg zacht, licht en toch warm. Je kan ze meerdere dagen achter elkaar dragen dankzij de superdupergeweldige eigenschappen van wol!

Ik heb er drie en draag ze 90% van de tijd als het geen zomer is. Aan het einde  van de winter worden ze met de helft afgeprijsd. Ook altijd fijn.

Eerder had ik wat wollen kleding van Icebreaker, maar dat bleek vreselijk snel kapot te gaan. Deze zijn heel sterk, het enige dat het echt niet leuk vind is op veel toeren gecentrifugeerd worden, dan vervilt het. (en draagt je dochter ze met veel plezier, dat dan weer wel)

Leggings.

Op zich niet het meest charmante kledingstuk maar zo makkelijk, warm, veelzijdig en toch ook best heel erg leuk. Deze kocht ik bij Aakasha via Etsy. Ze worden gemaakt in Bulgarije, zijn dik maar niet te, prachtig gemaakt en lekker lang.

Deze zitten in de was, of ik heb ze aan. Leggings vind ik zo fijn omdat ik ze kan dragen met laarzen in een halve meter sneeuw, maar ook met luchtiger kleding. (je zal me niet zo gauw zien met blote benen en zomerjurkjes)

 

 

 

 

Laarzen.

Oh, deze laarzen zijn zo fijn! Ze zijn hoog, zo hoog dat je door bijna kniehoge sneeuw kan lopen ermee. Stukken fijner dan grote sneeuwschoenen en een sneeuwbroek!

kijk maar!

Ze zijn warm. Ze hebben profiel. Ze hebben een supersmalle schacht. Ze hebben geen ritsen of nutteloze versiersels. En toen ik ze kocht, waren ze tijdelijk geen 300 maar 110 euro. Ze zijn ook nog eens waterdicht en daarom tegenwoordig de enige schoenen die ik draag in de winter. Ze kunnen mee på tur, maar onder een rokje kunnen ze ook prima. Vind ik dan.

Ze zijn van het merk Alberville en worden gemaakt in Italië. In een echt klein schoenenfabriekje, zou het.

Vesten!

Ik draag ze veel liever dan truien, daarin voel ik me zo opgesloten. Bovendien is het een gedoe om uit te trekken als het warm is. Ik heb een lange witte, een half lange grijze en een half lange zwarte.

Ik draag ze het hele jaar door. Dit huis is wel warmer in de zomer, dus misschien gaan er dit jaar een paar vestloze dagen (weken?) zijn. Daar kijk ik eigenlijk best naar uit!

 

 

Handdoeken! (pestemals / hammam handdoek)

Te gebruiken als handdoek, strandlaken, tafelkleedje, picknickkleedje, sarong en als sjaal dus.

Bonus: snel drogend, super absorberend en heel klein op te vouwen.