Zero Waste Home – Bea Johnson

Onlangs kocht ik het boek van Bea Johnson, Zero Waste Home. Uiteraard netjes op mijn laptop leesbaar in de kindle cloud reader van Amazon.

Ik volg haar al een hele tijd en vind wat zij doet ongelofelijk gaaf: ze produceert amper afval met haar vierkoppige familie en doet dat in een prachtig oud, wit met groen minimalistisch huis. Niets geen bakken vol recyclespullen en goedbedoelde oude meuk die wacht op een nieuwe bestemming daar!

Het credo is Refuse, Reduce, Re-use, Recycle, Rot.

Refuse: Weiger dingen die je niet nodig hebt en dingen die het milieu schaden. Van plastic kleding tot goodiebags tot groenten verpakt plastic: als je het niet aanneemt hoef je je er niet druk om te maken en hoef je je er ook niet van te ontdoen. En onthoud daarbij dat uit het zicht niet betekent dat het ook echt weg is, je afval.

Reduce: Als je iets gebruikt, probeer het gebruik ervan dan te verminderen. Vervang je wegwerpspullen door wasbare varianten. Koop tweedehands en koop niet meer dan je echt nodig hebt. Deel je spullen of deel je huis als je zelf op vakantie bent. Wees creatief met hetgeen dat toch je huis in komt. Ga fietsen, in plaats van met de auto. Koop in grote verpakkingen om afval te verminderen. Laat dingen gaan die je niet gebruikt. Minder kleding of een kleiner huis betekent minder te repareren en te onderhouden. Iets kopen maar ook iets gratis aannemen is stemmen voor de wereld die je wil.

Re-use. Als je iets dan toch al hebt, hergebruik het dan. Kies voor dingen die je op meerdere manieren gebruiken kan. Repareer je kapotte spullen. Het ‘groenste’ ding is hetgeen je al hebt, uiteindelijk. Deel!

Recycle. Geen hobby van Bea maar soms kan het niet anders. Het doel is om zo min mogelijk recyclebaar afval te produceren maar gelukkig is ze niet te dogmatisch: als het niet anders kan, dan moet het maar. Maak jezelf bekend met het recycleprotocol van de gemeente waar je woont want recyclen nog een delicaat proces. Hoed je voor ‘biologisch afbreekbare’ producten die dat vaak niet zijn.

Rot. Jeej, rotten! Composteren. Compost is fijn voor je plantjes, voor de aarde, voor iedereen zo lang je het netjes doet. Het is geen raketwetenschap en in haar boek geeft ze handige tips.

Het leuke van haar boek is dat ze nergens preekt en op behalve nogal overduidelijke feiten na (de wereld gaat op deze manier naar de kleaute) niet doempreekt of schuldgevoelens aanpraat.

Haar levensstijl lijkt in tegenstelling tot wat je zou denken, erg makkelijk. Ze leeft minimalistisch. Over haar garderobe heeft ze bijvoorbeeld goed nagedacht: natuurlijke stoffen, laagjes die over elkaar kunnen worden gedragen, bij elkaar passende kleuren en materialen die niet specifiek voor de zomer of de winter zijn en zo jaarrond kunnen worden gedragen.

Er staan in haar huis zo min mogelijk spullen op de grond wat het vegen van de vloer (een stofzuiger verbruikt stroom en stofzuigerzakken) vergemakkelijkt. Ze gebruikt hetzelfde product voor zo veel mogelijk doeleinden, zoals azijn en castilezeep.

Deze levensstijl maakte haar en haar familie gezonder, rijker en ze hebben meer tijd voor elkaar. Hoe fijn is dat! Zero waste is bij haar geen opgave, maar een manier om eenvoudiger, aandachtiger, milieubewuster en vooral plezieriger te leven.

Ook besteedt ze aandacht aan de reacties van anderen en hoe hiermee om te gaan. ‘Zjust say dzet I do not ‘ave a trashcan‘. Ja, haar Franse accent vind ik erg leuk.

Zero Waste is bewuster leven, maar geen opgave. Het geeft juist meer gemak.

En wat heb ik ervan geleerd?

Wel, best wel wat! Ik erger me ook aan overbodige plastic verpakkingen maar ik koop ze soms wel. De keuze kan ook nogal erg beperkt worden als ik het niet doe maar bewuster kiezen kan zeker wel. Gewone tomaten in herbruikbare zakjes kopen in plaats van verpakte cherrytomaten en alleen druiven nemen als ze onverpakt worden verkocht. Gewoon, altijd! Fuck you, met je plastic bakjes!

Ik heb voor dingen waar ik (soms) wegwerp voor gebruikte, wasbare alternatieven gekocht en in gebruik genomen. Geen wattenschijfjes, wegwerpluiers en keukenpapier meer hier! Ik heb me het RSI gesokkenstopt deze week voor The Greater Good šŸ˜‰

Veel dingen deden we al wel. Of niet. Ik gebruik geen aluminiumfolie, plastic folie of flessenwater. We kopen al het nodige tweedehands, maken veel zelf en drie bosbessen in een halve kilo plastic: geen haar op mijn hoofd die eraan denkt dat te kopen.

Zelfs hier in Noorwegen waar alles in plastic lijkt te zijn verpakt en leuke delicatessenwinkels of betaalbare speciaalzaken met een vergrootglas gezocht moeten worden, is het te doen om je restafval te minimaliseren.

Ik weet dat ik de wereld niet kan veranderen, maar ik wel mijn eigen aandeel in het kapot maken ervan beperken. Door mijn kinderen de geneugten van weinig meuk te leren. Door niet 33 generaties na mij nog op te zadelen met mijn oncomposteerbare spulletjes. Door minder vlees te eten. De mogelijkheden zijn eindeloos en het is een positieve vicieuze cirkel.

Ik vind het boek absoluut een aanrader, of je nu al jaren eenvoudiger leeft of net begint.

En voor wie daar geen zin heeft: fillempie! (het bekijken waard, zelfs al heb je geen enkele zero waste of minimalistische neigingen)

100 essentials – miss minimalist

Een van mijn favoriete bloggers is Francine Jay, of Miss Minimalist. Ze blogde al over minimalisme lang voordat het ‘hip’ was. Haar invulling van het begrip vind ik prachtig. Kies de dingen die je gebruikt met zorg. Kies voor kwaliteit, veelzijdigheid, eenvoud en kies mooie dingen die je blij maken.

Toen ik las dat ze een nieuw boek ging schrijven was ik blij en toen ze het publiceerde kocht ik het via amazon. Je kan het direct online lezen, hiephoi. (Als je de link kan vinden want argh, waarom zijn Amerikaanse websites altijd zo compleet onoverzichtelijk!)

Het boek gaat over de ‘essentials‘. De dingen die je echt nodig hebt. In de keuken (food), in je huis (shelter) en in je kledingkast (clothing). Als in de drie basisbehoeften. EssentiĆ«le zaken zijn pannen, je bedje en een paar kledingstukken en schoenen, bijvoorbeeld.

Naast de essentials zijn er de extra’s. Dat zijn de dingen die niet nodig zijn, maar wel erg veel plezier opleveren om te gebruiken. Hobbyspullen, tuingereedschap en een koffiezetapparaat, bijvoorbeeld.

En dan is er de excess, de rommel die je niet nodig hebt. Ongebruikt serviesgoed, kapotte apparaten en ongedragen kleding die kasten, planken en zolders bevolkt en ongemerkt ook je hoofd.

Over die laatste twee categorieƫn gaat het boek nauwelijks. De meeste aandacht ligt op de essentials. Haar vorige boeken gaan over hoe je die laatste twee categorieƫn aanpakt. Ze laat dingen zijn die zij gebruikt, waarom ze die gebruikt en vertelt waarom ze voor die dingen heeft gekozen.

Is dat minimalistisch verantweurd, een heel boekje over je spullen? Jawohl. Het is namelijk echt heel fijn om een keer iets goeds aan te schaffen en het daarna jaar na jaar met plezier te gebruiken zonder nog hoeven denken aan vervanging, recycling of reparatie. Daarvan geeft ze voorbeelden, voorzien van mooie foto’s van glazen tot haar administratie-opbergsysteem.

Het is niet bedoeld om je dingen te laten kopen, hoewel ze achterin wel merken, makers en winkels vermeldt voor wie dat wil weten. Wie dat commerciĆ«le onzin vindt, wordt verzocht die laatste pagina’s gewoon niet te lezen. Slim he šŸ˜‰

Wat ik leuk vind, is haar benadering. De boeken over hoe je je rommel opruimt en hoe fijn dat is, hebben we nu ook wel gelezen, denk ik. Er is ook maar zo veel dat je erover kan lezen want uiteindelijk raakt je huis niet opgeruimder van lezen wat en hoe je op zou moeten ruimen.

Het bezitten van zulke fijneĀ  spullen maakt blij, is beter voor het milieu en je portemonnee. Het alleen bezitten van lievelingsdingen is als een cadeau aan jezelf waar je elke dag plezier van hebt šŸ™‚

Dus ja, als je er 12 dollar aan wil stukslaan, is het een leuk boekje.